Introductie
De zorg wordt steeds meer multidisciplinair, maar de meeste dossiersystemen zijn tot op de dag van vandaag monodisciplinair en elke zorgactor bouwt een eigen dossier op. Wanneer patiënten in hun leven onderzocht en behandeld zijn door tal van zorgverleners en in tal van ziekenhuizen, dan bestaat er dus een berg aan waardevolle informatie – echter verspreid over verschillende dossiersystemen.
Om gegevens te delen tussen al die monodisciplinaire dossiersystemen, zijn platformen ontstaan waar gezondheidsinformatie centraal ter beschikking wordt gesteld. Wie deze gegevens nodig heeft, kan ze raadplegen. Vandaag zijn er verschillende platformen voor centrale gegevensdeling:
- tussen zorgverleners onderling en met burgers/patiënten (hubs en eerstelijnskluizen, Vaccinnet, Recip-e, UHMEP, etc.)
- tussen zorgverleners en mutualiteiten (MyCareNet)
- tussen zorgverleners en overheid (ProGezondheid)
Uiteraard moeten de veiligheidsprincipes van het eHealth-platform strikt worden nageleefd, zodat enkel gegevens worden gedeeld van patiënten die hiervoor hun toestemming hebben gegeven en zodat niemand ongeoorloofd toegang krijgt. Als een zorgverlener bepaalde gegevens nodig heeft, maar niet de juiste rechten heeft of geen toegang heeft omwille van het ontbreken van een integratie in de software, dan kan rechtstreekse communicatie een uitkomst bieden.
Hubs en kluizen voor centrale gegevensdeling
Ziekenhuishubs
Om gegevens uit de tweedelijn centraal beschikbaar te stellen voor anderen, zijn de ziekenhuizen 15 jaar geleden gestart met het opzetten van hubs. Er zijn in België vier dergelijke hubs die data ontsluiten van de aan hen verbonden ziekenhuizen, psychiatrische centra, radiologiepraktijken en laboratoria. Iedere verbonden entiteit bewaart gegevens op haar eigen server, maar deelt via de hubs welke informatie over welke patiënt bewaard wordt zodat dit kan worden opgenomen in een centraal register of verwijsrepertorium.
In de softwarepakketten van huisartsen (en sommige andere beroepsgroepen) is er een connectie met de hubs, waarbij alle gegevens van een patiënt die her en der worden bewaard dankzij dat centrale register beschikbaar kunnen worden gesteld. De huisarts kan deze informatie daardoor via zijn eigen EMD raadplegen of eventueel downloaden en toevoegen aan het patiëntendossier.
Ziekenhuishubs | |
Bestaande hubs:
| Type informatie:
|
Eerstelijnskluizen; Vitalink voor Vlaanderen
Voor de tijd van ‘24/7 online zijn en in de cloud werken' was het voor huisartsen, verpleegkundigen en kinesisten niet mogelijk om permanent een server online te hebben. Daarom werd belangrijke informatie opgeslagen in eerstelijnskluizen, zodat andere eerste- en tweedelijnszorgverleners ze daar kunnen raadplegen. Denk bijvoorbeeld aan de Sumehr in functie van zorgcontinuïteit.
Eerstelijnskluizen | |
Bestaande kluizen:
| Type informatie:
|
Waar de hubs gelinkt zijn aan ziekenhuizen, zijn de kluizen gelinkt aan de regio. Over één patiënt kan dus informatie beschikbaar zijn via meerdere hubs, maar slechts in één kluis. Voor Vlaanderen is dit Vitalink. De kluizen zijn wel onderling met elkaar verbonden, dus als iemand verhuist van de ene regio naar de andere, kan informatie wel overgezet worden van de ene naar de andere kluis.
Hoe werkt gegevensdeling via hubs en kluizen?
In de regionale eerstelijnskluizen wordt dus informatie uit de eerstelijnszorg bewaard, terwijl via de hubs informatie uit de tweedelijn wordt ontsloten. Al deze verschillende platformen zijn onderling met elkaar verbonden via de ‘metahub’ van het federale eHealth-platform dat instaat voor de beveiliging van het hele systeem en het centrale register. In onderstaande figuur wordt de werking van de hubs en kluizen geïllustreerd.
(bron: Vitalink)
Via de hubs en de kluizen kan dus ongeadresseerd informatie met andere zorgverleners gedeeld worden. Dankzij een Single-Sign-On verbinding in de EMD's kunnen huisartsen zonder bijkomend te moeten inloggen de gegevens van hun patiënten raadplegen, ongeacht waar, wanneer en door wie die werden geregistreerd. Het blijft echter aangewezen dat ook via de eHealthBox belangrijke verslagen en resultaten aan de GMD-houdende huisarts worden bezorgd of deze minstens op de hoogte te stellen dat nieuwe informatie werd toegevoegd. Bovendien is het niet altijd eenvoudig om specifieke gegevens terug te vinden door de grote hoeveelheden documenten op de hubs, vaak algemene omschrijvingen en beperkte filtermogelijkheden.
Via patiëntenportalen hebben ook burgers/patiënten toegang tot de informatie die via hubs en kluizen wordt gedeeld.
Andere platformen voor centrale gegevensdeling tussen zorgverleners
Naast de hubs en de kluizen zijn er nog andere platformen voor centrale gegevensdeling tussen zorgverleners onderling en met burgers/patiënten, waardoor de noodzaak aan rechtstreekse en geadresseerde communicatie wordt verminderd:
- Vaccinnet is het Vlaamse bestel- en registratiesysteem voor vaccinaties. Zorgverleners kunnen via dit platform toegediende vaccins registreren, zodat een centraal vaccinatieregister ontstaat waarin vaccinatiegegevens van burgers/patiënten beschikbaar worden gesteld voor bevoegde zorgverleners.
- Recip-e is het Belgische, elektronische voorschrijfsysteem waarin farmaceutische voorschriften centraal worden geregistreerd. De voorschrijver kan een voorschrift aanmaken en stockeren op Recip-e. De patiënt kan zich vervolgens wenden naar een apotheker van zijn voorkeur. Deze kan dan het voorschrift raadplegen en de medicatie afleveren.
- UHMEP (in ontwikkeling) zal een centrale infrastructuur bieden voor het ter beschikking stellen en raadplegen van verwijsvoorschriften, vergelijkbaar met Recip-e.
MyCareNet (beheerd door het Nationaal Intermutualistisch College)
Administratieve en verzekeringsgegevens van patiënten worden door de ziekenfondsen bewaard in beveiligde databanken, en via MyCareNet centraal beschikbaar gesteld. Dankzij een integratie in de EMD-software of via het MyCareNet-portaal, kunnen huisartsen op elk moment de meest actuele administratieve en verzekeringsinformatie raadplegen, ongeacht bij welk ziekenfonds een patiënt is aangesloten.
De gegevens hebben betrekking op de verzekerbaarheid van een patiënt, chronisch of palliatief statuut, verhoogde tegemoetkoming, terugbetalingsrechten, zorgtrajecten, etc. Ook ondersteunt MyCareNet diverse elektronische aanvragen en kennisgevingen in het kader van terugbetalingen en zorgfinanciering.
ProGezondheid
In tegenstelling tot bovengenoemde platformen die hoofdzakelijk patiënt- en zorggerelateerde gegevens beschikbaar stellen aan zorgverleners, is ProGezondheid een digitaal portaal waarin zorgverleners en zorgorganisaties administratieve gegevens centraal registreren en beheren. Huisartsen(praktijken) moeten er onder meer hun werkadressen, contactgegevens en informatie over hun beroepsactiviteiten actualiseren in het kader van het praktijkregister. Deze gegevens worden gebruikt door de FOD Volksgezondheid en het RIZIV voor onder meer communicatie met zorgverleners, capaciteitsplanning van het zorgaanbod, crisiscommunicatie en het beheer van beroeps- en erkenningsgegevens.
Verder biedt ProGezondheid een brede waaier aan administratieve, juridische en regelgevende informatie, en kunnen zorgverleners gegevens raadplegen over erkenningen, registraties, vergunningen, financiering, nomenclatuurgerelateerde processen en andere officiële dossiers.