Meer gemelde tekenbeten in 2025: inzichten uit TekenNet

Met het begin van de lente start ook opnieuw het tekenseizoen. Recente gegevens uit het burgerwetenschapsplatform TekenNet tonen aan dat in 2025 opnieuw meer tekenbeten bij mensen werden gemeld dan in de voorgaande drie jaren. Na correctie voor uitzonderlijke media-aandacht gaat het om een geschat totaal van 9.216 gemelde tekenbeten, een aantal dat vergelijkbaar is met de hogere niveaus van 2020 en 2021.

De meldingen volgen een uitgesproken seizoenspatroon, met de meeste tekenbeten tussen maart en oktober en een duidelijke piek in juni. Na een relatief trage start van het seizoen nam het aantal meldingen sterk toe vanaf het hemelvaartweekend, wat mogelijk samenhangt met weersomstandigheden en een toename van buitenactiviteiten. Jaarlijkse schommelingen blijven typisch en worden beïnvloed door klimaatfactoren, menselijk gedrag en de bekendheid van het meldsysteem.

Net zoals in eerdere jaren werden de meeste tekenbeten gemeld in Vlaanderen, al blijft de incidentie per 100.000 inwoners hoger in Wallonië. Tekenbeten werden vooral opgelopen tijdens vrijetijdsactiviteiten, vaak dicht bij de eigen woonomgeving, met de tuin en het bos als meest gerapporteerde locaties. Deze bevindingen onderstrepen het belang van blijvende aandacht voor preventie en vroege detectie van mogelijke tekenoverdraagbare aandoeningen, waaronder de ziekte van Lyme.

In dat kader herlanceren de gezondheidsautoriteiten ook dit jaar de preventiecampagne rond de tekencheck en roepen zij op om tekenbeten bij mensen te blijven melden via TekenNet. Een continue en brede participatie is essentieel om trends te kunnen opvolgen en gerichte preventiestrategieën te ondersteunen.