KCE: recht om vergeten te worden sneller toepasbaar na schildklierkanker

Een nieuwe studie van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) onderzocht of de huidige wachttijden binnen het ‘recht om vergeten te worden’ nog overeenstemmen met het werkelijke risico op overlijden of herval na schildklierkanker. Het rapport focust op de toegang tot schuldsaldoverzekeringen voor mensen met een voorgeschiedenis van schildklierkanker en vergelijkt hun overleving met die van de algemene Belgische bevolking.

Schildklierkanker kent over het algemeen een zeer gunstige prognose. In België worden jaarlijks ongeveer 1.000 nieuwe gevallen vastgesteld en bedraagt de netto vijfjaarsoverleving ongeveer 94%. De analyse van ruim 15.000 patiënten bevestigt dat de overleving voor de meeste vormen van schildklierkanker zeer hoog is. Vooral bij gedifferentieerde schildklierkanker, die meer dan 90% van alle gevallen vertegenwoordigt, werd geen verhoogde mortaliteit vastgesteld ten opzichte van de algemene bevolking.

Het KCE onderzocht zowel de tijd tot statistische genezing als de gestandaardiseerde mortaliteitsratio. Voor gedifferentieerde schildklierkanker zonder klinisch vastgestelde afstandsmetastasen bleek de oversterfte reeds bij diagnose verwaarloosbaar. Voor medullaire schildklierkanker, anaplastische schildklierkanker en gedifferentieerde schildklierkanker met afstandsmetastasen kon daarentegen binnen vijf jaar geen statistische genezing worden aangetoond.

Op basis van deze resultaten beveelt het KCE aan om de wachttijd voor het recht om vergeten te worden te verlagen naar 0 jaar voor patiënten met een gedifferentieerd schildkliercarcinoom zonder klinisch vastgestelde afstandsmetastasen bij diagnose, ongeacht hun leeftijd. Voor andere subtypes blijft de huidige algemene wachttijd van vijf jaar behouden. De meerderheid van de geconsulteerde stakeholders beschouwde deze aanpak als de meest billijke, omdat ze rekening houdt met zowel de uitstekende prognose van de grootste patiëntengroep als met de minder gunstige vooruitzichten van kleinere hoogrisicogroepen.

Daarnaast stelt het KCE voor om toekomstige wachttijden te laten starten vanaf de datum van diagnose in plaats van vanaf het einde van de actieve behandeling. Volgens de onderzoekers sluit dit beter aan bij de beschikbare wetenschappelijke evidentie en kan het meer duidelijkheid bieden voor zowel patiënten als verzekeraars.

Wim Torbeyns