Kaat Ieven wint Prijs van de Vlaamse en Brusselse huisarts

Dr. Kaat Ieven mag zich de nieuwe laureaat noemen van de Prijs van de Vlaamse en Brusselse huisarts. Vooral haar gedrevenheid om in volle coronacrisis een eerstelijnszone uit de grond te stampen en bruggenbouwer te zijn, werd meermaals aangehaald tijdens haar laudatio op het Lentesymposium van Domus Medica afgelopen zaterdag.

Met de keuze voor dr. Kaat Ieven wordt de Prijs van de Vlaamse en Brusselse huisarts voor het eerst in de wacht gesleept door zo’n jonge vrouwelijke huisarts. Maar haar verdiensten zijn, ondanks die jonge leeftijd, dan ook indrukwekkend. 

Na haar haio-jaren in een Genkse groepspraktijk bleef ze in die regio hangen om in 2017 erkend huisarts te zijn. In 2020 al werd ze verkozen tot voorzitter van de eerstelijnszone Kemp en Duin die ze, in volle coronacrisis, vanaf scratch heeft uitgebouwd tot een zeer dynamische samenwerking. Binnen die eerstelijnszone heeft ze twee vaccinatiecentra in Genk en Bree opgestart en uitgebouwd, waardoor ze de huisartsen in haar regio kon ontlasten. Ze was ook de drijvende kracht achter het pilootproject om de vaccinatiegraad bij achtergestelde wijken op te krikken.

Haar maatschappelijk engagement bleek ook na de coronacrisis: voor de Oekraïense vluchtelingen heeft ze een zorgcentrum opgericht, waar eerst hun medisch dossier werd samengesteld. Daarna kregen ze pas een huisarts toegewezen. Ook toen zorgde ze voor minder werkdruk en zorglast bij de huisartsen in de regio.

Dr. Rob Smeets, voorzitter van huisartsenkring Prometheus in Genk: “Wat Kaat Ieven de afgelopen jaren heeft gerealiseerd, is ongelooflijk sterk. Naast haar voorzitterschap van de eerstelijnszone en bestuurslid van de kring heeft ze ook nog twee kinderen op de wereld gezet en een master gezondheidsmanagement behaald. Ze heeft daarnaast een drukke huisartspraktijk waar zij als een echte HR-manager het voortouw neemt in de verdere uitbouw naar een multidisciplinaire praktijk.” 

En haar engagement stopt daar niet: zo is ze nu ook mede-initiatiefnemer van een nieuwe samenwerking tussen eerstelijnszones, ziekenhuizen, netwerken van geestelijke gezondheid, kennisinstellingen,… Deze unieke samenwerking (Charter Eerstelijn Limburg) is gericht op de versterking van de eerste lijn en geïntegreerde zorg. Waarom Kaat Ieven zich zo sterk engageert in al deze samenwerkingsverbanden? Omdat ze gelooft dat ze nodig zijn om te bouwen aan een kwaliteitsvolle zorg en het welzijn van patiënten en collega’s.

Vanuit haar ervaring en deskundigheid als huisarts heeft ze dus een groot maatschappelijk engagement, verbindt ze actoren in de zorg en zet dingen in beweging die de kwaliteit ten goede komen. Of zoals prof. dr. Bert Vaes (KU Leuven) het zegt: “Kaat is zeer gedreven, beseft waar we kunnen verbeteren en gaat er dan ook volledig voor om een verandering tot stand te brengen.”

Dr. Kaat Ieven is dan ook de perfecte ambassadeur voor de huisartsgeneeskunde en de eerste lijn in Vlaanderen. Voor deze gedreven inzet heeft de jury haar uit tien kandidaten verkozen tot winnaar van de Prijs van Vlaamse en Brusselse huisarts 2023. Naast een cheque t.w.v. 5000 euro, geschonken door Quality Living en Mediportal, ontving zij ook het volledige Compendium Geneeskunde en het boek ‘Urgentieschema’s voor huisartsen’, aangeboden door uitgeverij Acco.

Van harte proficiat!

Op de foto v.l.n.r.: dr. Jeroen van den Brandt (voorzitter Domus Medica), Freek Verheyden (Quality Living), dr. Kaat Ieven en Michael Wegge (MediPortal).

Prijs van de Vlaamse en Brusselse huisarts

De Prijs van de Vlaamse en Brusselse huisarts wordt jaarlijks door Domus Medica uitgereikt aan een huisarts, die werkzaam is in Vlaanderen of Brussel, zich onderscheidt in maatschappelijk engagement, oog heeft voor de patiënt als uniek individu, ervaringen deelt met collega’s en jonge huisartsen, geëngageerd samenwerkt binnen de kring of met andere eerstelijnswerkers, en een pleitbezorger is voor de beroepsgroep en bijscholing en opleiding bevordert.

Meer informatie: https://www.domusmedica.be/prijs-van-de-vlaamse-en-brusselse-huisarts

 

Met dank aan de sponsors:

Quality Living is een aannemersbedrijf en interieurbureau met een specifieke zorgexpertise. Bij hun inrichting van medische praktijken en apotheken gaan esthetiek en praktisch comfort hand in hand en staat (financiële) ontzorging over de hele lijn centraal. 

Mediportal is het bedrijf achter het Mediris-platform, online software voor huisartsenwachtposten en multidisciplinaire groepspraktijken. 

Speech Lentesymposium – prijs van de huisarts van het jaar 27/04/2024

Midden deze week liet Margot van de organisatie me weten dat ik best iets zou voorbereiden voor vandaag. Ik heb deze week dan ook veel zitten tobben in de auto op weg naar een huisbezoek, de school of de crèche, maar ik vond het moeilijk om de schoonheid van het huisartsenberoep op een gevatte manier te beschrijven. 

Tot ik de eer kreeg afgelopen donderdag om in de klas van mijn oudste, driejarige zoon Naud, te gaan vertellen over ‘de dokter’. “Als jullie ziek zijn of jullie voelen je niet zo goed, dan kan je naar de dokter gaan. En wat doet de dokter dan allemaal?”, vroeg ik aan de kindjes. Er was al een deugniet in mijn dokterstas gedoken, hij haalde de stetoscoop eruit en riep enthousiast “naar het hartje luisteren”. 

En ik dacht, dat is het. Elke dag opnieuw luisteren we naar het hart van de mensen, naar de grote en kleine kamers waar het leven doorstroomt, naar de emoties die de hartslag versnellen, naar de souffles waar de patiënt zelf zich niet eens bewust van is, naar de kleppen of de deuren die openen of sluiten, wat de richting van het leven mee bepaalt, ... 

En zoals het hart het centrale punt van ons cardiovasculaire stelsel is, is de huisartsgeneeskunde het centrale punt van zorg en welzijn voor vele mensen. De huisarts in degene waar alles bij elkaar komt. Essentieel in een gezondheidssysteem dat steeds meer versnippert in subspecialisaties. Kortom, we zetten onze voelsprieten continu op scherp en luisteren naar de kern van het lichaam, van het zijn... En we trachten dit hart zo goed mogelijk te onderhouden, te herstellen of te ondersteunen wanneer het niet meer te herstellen valt. Dit allemaal steeds volgens de meest recente wetenschappelijk inzichten en met oog voor de noden en verlangens van het individu. 

Maar niet alleen het individu is belangrijk, de aandacht voor onze patiëntenpopulatie is in opmars. We pompen elke dag zorg en welzijn doorheen onze maatschappij, maar pikken ook tal van signalen op. Dit in combinatie met de technologische evoluties in de laatste decennia verruimen zoveel mogelijkheden die we de dag van vandaag nog veel te weinig benutten. 

Doorbomend op de gemaakte metafoor, maak ik me bijzonder veel zorgen over hartfalen. Die bloeddruk stijgt, elke dag meer, en de kamers geraken uitgeleurd. Huisartsen reageren defensief en gooien de deuren dicht om het allemaal hapbaar te houden, om dat stukje wat ze doen, goed te blijven doen. Zeer begrijpelijk. Maar velen onder hun blijven achter met dat knagende gevoel te falen, niet meer te voldoen aan de noden van de bevolking. Dit is echter geen falen van de individuele huisarts, maar wel van ons hele gezondheidssysteem. 

Hoe lossen we dat op?

Om dit probleem beter te vatten, ging ik drie jaar geleden bijkomend beleid en management in de gezondheidszorg studeren aan de KU Leuven. En wat viel me daar op? De eerstelijnszorg kwam daar amper aan bod. 

En daar begint het mee. Aandacht hebben voor eerstelijnszorg. Dit prioritair op de agenda zetten. Keuzes maken. Binnen het gezondheidsbeleid kiezen om voluit te investeren in eerste lijn. Zelfs al zouden enkel de kruimels, of de kosten ten gevolge van overconsumptie in wat vandaag de tweedelijn genoemd wordt, besteed worden aan zorg én welzijn in de eerstelijn, dan zou dit al veel betekenen. Denk aan meer bemanning in WZC, specialisten in change management en innovation in de eerstelijn, kwaliteitsmedewerkers om zorgprocessen binnen de eerstelijn te optimaliseren, meer maatschappelijk werk en psychologische hulpverlening, enzovoort. En je kan hiervoor schieten op het huidige beleid, maar ik denk ook dat we goed moeten nadenken welke rol, wij als artsen, willen opnemen in de eerstelijn samen met andere partners.

Naast aandacht voor het probleem, is ook een juiste diagnose belangrijk. Ik heb me het laatste jaar enorm gefrustreerd over de cijfers waarmee gegoocheld wordt in allerlei opinies en mediaberichten. Het gaat over zoveel meer dan het aantal huisartsen per inwoners. Het gaat over de veranderde jobinhoud, over de veranderde maatschappij, de redenen van de toegenomen uitval bij jonge huisartsen, de redenen waarom zij hun job wel of niet graag willen blijven doen, maar boven alles, ook over wat de patiënt verwacht van zijn/haar zorgverlening in de eerstelijn. 

Daarom zijn we in onze eerstelijnszone, in samenwerking met de UHasselt gestart met een kwalitatief onderzoek bij patiënten. Hoe ervaren zij hun eerstelijnszorg nu en wat verwachten zij van eerstelijnszorg? Ik kreeg afgelopen dinsdag de eerste voorlopige resultaten van het onderzoek binnen. Eén van de meest essentiële zaken die ze aanhalen is een arts die betrokken is, empathisch, een overzicht heeft van hun volledige dossier en hun hele traject wil opvolgen. Zij ervaren dat dit steeds minder evident wordt de laatste jaren. En eerlijk gezegd, denk ik dat dat nu nét de reden is waarom huisartsen de deur dicht gooien. Zij willen net die betrokkenheid blijven bieden aan hun patiënten, maar dat gaat niet meer als er te veel patiënten onder je hoede vallen. 

Het hartfalen of het huisartsentekort voorkomen is te laat. Maar laat ons wel nog aan secundaire preventie doen en blijvend inzetten op meer huisartsen die afstuderen, in verhouding tot de verwachte grote uitstroom in de komende jaren, het minder aantal gepresteerde uren per arts, de complexere zorg en de toename van het aantal ouderen t.o.v. de actieve bevolking. 

Hoe behandelen blijft echter de grote hamvraag. 

Meer samenwerken met paramedici, meer delegeren? Eerst en vooral wil ik aangeven dat ik bijzonder blij ben met de evolutie van betaalbare eerstelijnspsychologische zorg. En ik ben ervan overtuigd dat nog intensere samenwerking tussen ELP’s en huisartsen noodzakelijk is om meer ernstigere psychologische problematieken te voorkomen. Vul dit aan met een maatschappelijk werker in de eerstelijnspraktijk en je optimaliseert de benadering van de patiënt volgens het biopsychosociaal model in de huisartsenpraktijk.

Maar als huisarts zal je altijd tijd blijven spenderen aan het detecteren en bespreekbaar maken van psychische problematieken en welzijnsproblemen. Daar zijn wij de expert in en daar mogen we ook in erkend worden. Het is erg frustrerend als beleidsmakers beweren dat dit totaal geen huisartsenmaterie is, want dit zit verweven in bijna ieder consult dat we doen. Daarnaast zal ook hier teamoverleg mee in rekening moeten gebracht worden.

Ik ben ervan overtuigd dat meer samenwerking met verpleegkundigen leidt tot meer kwaliteit, zeker op vlak van proactieve zorg en preventie. Maar of dit tot minder werk voor de huisarts gaat leiden, dat betwijfel ik ten zeerste. De gemakkelijke taken, tijdens dewelke we ook praten met de patiënt en dingen te weten komen, zullen verdwijnen. De vrijgekomen tijd zal echter ingevuld worden met teamoverleg, opleiding van verpleging en coördinatie. Het zal niet leiden tot minder werkuren voor de huisarts, maar wel tot minder patiëntencontact. Ik denk dat deze evolutie onvermijdelijk is, zelfs noodzakelijk als we de zorg die op ons afkomt als gehele eerstelijn willen aankunnen. Maar tegelijkertijd moeten we erover waken dat de huisarts voldoende contact blijft behouden om erin te kunnen slagen zijn patiënt te blijven kennen, te blijven opvolgen, te blijven fungeren als betrokken vertrouwensarts. Anders is de patiënt mijn inziens helemaal verloren, zeker de meest kwetsbaren. Het NHS systeem in Engeland is hier een mooi voorbeeld van. Laat ons alsjeblieft niet dezelfde fouten maken!

Potentiële tijdswinst, zonder verlies aan patiëntencontact, en met verhoging van de kwaliteit van zorg, zit hem volgens mij in het beter en efficiënter toepassen van de huidige technologische mogelijkheden en het faciliteren van de huisarts om de centrale rol in de zorg op te nemen. Een EMD kan zoveel bieden, maar hier worden te weinig in geïnvesteerd. Hoe komt het dat in tijden van “Chat GPT” de diagnose “tekenbeet” of “huidwonde” niet terug te vinden zijn tussen gecodeerde diagnoses? Hoe komt het dat communicatie tussen eerste en tweedelijn nog steeds gebeurd op basis van vrije tekst waarbij de arts alles manueel moet overzetten in gecodeerde diagnoses? Hoe komt het dat men al 20j werkt aan een gedeeld medicatieschema tussen ziekenhuis, huisarts, thuisverpleging en apotheker? Hoe komt het dat er tussen zorg en welzijn niet eens digitale communicatie bestaat? En in de ontwikkeling van al die zaken wil de huisarts gefaciliteerd worden in zijn rol als centrale hulpverlener. Dat betekent dat info geïntegreerd op één plek moet geraken, namelijk het EMD. Geen ontelbare platformen i.f.v. de pathologie, doelgroep, ziekenhuis.. 

Ik sluit niet graag af met een cliché, maar ga dat toch doen vandaag. Huisartsgeneeskunde is het mooiste beroep dat er bestaat. Ik wil er echter alles aan doen wat in mijn mars ligt om dat zo te houden. En mijn inziens begint dit dus met aandacht en investering in eerstelijn, voldoende huisartsen op het terrein, samenwerking om kwaliteit te verhogen, maar niet met als doel om het aantal GMD-patiënten per huisarts fors te verhogen en technologische evoluties die de communicatie met anderen, en populatiemanagement, faciliteren, zodat de huisarts die centrale rol in de eerstelijn kàn opnemen. Tenslotte moeten we er blijven voor zorgen dat de huisarts die betrokkenheid en verantwoordelijkheid over de patiënt kan blijven opnemen en daarvoor blijft voldoende patiëntencontact tussen huisarts en patiënt cruciaal.

Rest mij alleen nog om iedereen te bedanken. Om te beginnen alle huisartsen die dag in dag uit, op een betrokken manier, de verantwoordelijkheid mee opnemen over de gezondheid van hun patiënten in de brede zin van het woord. Zij verdienen deze prijs evenzeer dan ik. 

Domus Medica en de sponsors, voor de mooie prijs en het ongelooflijke werk dat zij verrichten. Het is nog maar sinds kort dat ik daar wat beter inzicht in heb.  Ze zouden veel meer moet laten horen waar ze voor staan en wat ze voor ons, huisartsen allemaal doen. Ter ondersteuning, maar evenzeer in onze belangenbehartiging. 

Aan mijn collega’s in de kring, om mijn kandidatuur in te dienen, maar nog veel meer om enthousiast mee na te denken over projecten in de huisartsenpraktijk die kwaliteitsvolle huisartsgeneeskunde faciliteren, voor de gezelligheid en de collegialiteit, die maakten dat ik in Genk ben blijven hangen. 

Aan mijn collega’s in de ELZ, die mijn blik over de hele gezondheidszorg altijd breed houden.

Aan mijn collega’s in de praktijk, Carmen Bosmans hier vandaag ook aanwezig, Lara Caponi en Anselmo Caponi om me de ruimte te bieden om bepaalde engagementen op te nemen.  

Aan mijn mama en papa, mijn zussen en broer, waar de kiem voor het maatschappelijk geëngageerd zijn en de gedrevenheid, is gestart. Voor de steun, het vertrouwen en de veiligheid om liefde en leed te delen. 

En tenslotte de allergrootste dankjewel aan Chiel en mijn twee fantastische kindjes. De zon waar al mijn licht weerspiegeld vandaan komt.

Kaat Ieven
 

Meer nieuws