Auteurs:
Van Roeyen T, Van Looy B, Leten B.
Instelling: Faculteit Economische en Toegepaste Economische Wetenschappen
Situering/Inleiding:
De centrale doelstelling van het onderzoek was een kosten- en baten analyse te maken van solo-, duo- en groepspraktijken van huisartsen. Hiervoor werd een model opgesteld dat toelaat het inkomen van huisartsen in specifieke organisatievorm (solo vs groepspraktijk) te berekenen. We hebben op basis van dit model verschillende analyses gemaakt. Ten eerste hebben we onderzocht of huisartsen een administratieve kracht kunnen aanwerven die hun activiteiten ondersteunt zonder dat het inkomensverliezend is. Ten tweede hebben we de effecten van praktijkassistentie op specifieke praktijkvormen onderzocht. Indien we huisartsen stimuleren om in groepspraktijken te stappen, dan dient men de effecten op de gezondheidsuitgaven op macro-economisch niveau onderzocht te worden.
Methode/Interventies:
Het model is dynamisch waarvan de inputvariabelen volgens eigenheid van de praktijk ingesteld kan worden zodat de variabelen elke concrete situatie volgens bepaalde scenario¹s bepaalt. Er dient opgemerkt te worden dat dit model alleen geschikt is voor goed draaiende huisartsenpraktijken, aangezien de effecten voor een startende huisarts niet gemodelleerd werden.
Resultaten:
We hebben de inputvariabelen dynamisch ingesteld op gemiddelde cijfers en we kwamen tot volgende vaststellingen. We hebben vastgesteld dat samenwerken voordelen heeft omdat bepaalde vaste kosten zoals een praktijkgebouw over verschillende artsen gespreid kunnen worden. Vervolgens hebben we vastgesteld dat een administratieve kracht tijdsbesparend is door bepaalde handelingen op haar te nemen (telefoon, GMD) en dus inkomensverhogend werkt. Ten slotte is het voordeel van een administratieve kracht vanuit het standpunt van de huisarts groter in een groepspraktijk.
Besluit:
Aangezien een adminstratieve kracht meer opbrengt dan het kost, zijn er voldoende incentives voor de huisartsen in een solo-, duo- en groepspraktijk om een administratieve medewerker aan te werven. Het is dus vanuit economisch opzicht niet nodig dat de overheid subsidies toekent die huisartsen stimuleert een administratieve kracht aan te werven. Men dient zich om die reden de vraag te stellen op basis van welke argumenten deze subsidie van de overheid een zinvolle maatregel is. Er kunnen twee gegronde argumenten zijn waarom een subsidie toch ingevoerd zou kunnen worden. Ten eerste zou men de subsidies kunnen aanwenden om de aantrekkelijkheid van het huisartsenberoep en haar rol in de eerstelijnsgezondheidszorg te bevorderen. Ten tweede zou de overheid de steeds stijgende gezondheidsuitgaven beter kunnen beheersen, aangezien Starfield en Shi (2002) beweren dat landen met een zwakkere eerstelijnsgezondheid significant hogere gezondheidsuitgaven hebben dan landen met een sterke eerstelijnsgezondheid. De evidentie van dit argument dient echter in de toekomst uitvoerig onderzocht te worden.
Financiering/belangenvermenging:
Eindverhandeling aangeboden tot het behalen van de graad van Licentiaat in de Toegepaste Economisch Wetenschappen. Promotor: Prof. Dr. Van Looy Werkleider: Leten B. Onderzoekseenheid MSI: Bedrijfseconomie, Strategie & Innovatie.
|
Naam inzender: |
Tim Van Roeyen |
|
Beroep: |
Student |
|
Postcode Stad/gemeente: |
2970 Schilde |
|
Land: |
BELGIE |