Startpagina Onderzoek Huisarts Nu Kort Nieuws
Meer eerstelijnsartsen, gezondere patiënten Afdrukken
wo 11.01.2012

Chang CH, Stukel TA, Flood AB, Goodman DC. Primary care physicians workforce and Medicare beneficiaries’ health outcomes. JAMA 2011;305:2096-104.


Meer eerstelijnsartsen, gezondere patiënten: het is natuurlijk een uitdagende hypothese. Zou de bereikbaarheid, toegankelijkheid en aanwezigheid van eerstelijnsartsen een gunstig effect hebben op de volksgezondheid? Hierover bestaan maar weinig gegevens.

In de Verenigde Staten, waar men ook poogt de eerste lijn te versterken en de kosten onder controle te houden, heeft een onderzoeksgroep deze uitdaging op zich genomen. Zij zochten uit of de beschikbaarheid van eerstelijnsartsen de gezondheid van individuele patiënten gunstig zou beïnvloeden.

Wie als ‘eerstelijnsarts’ kan worden beschouwd en in welke mate hij ook beschikbaar is voor die eerste lijn, vroeg eerst heel wat werk. Een probleem dat we in België ook kennen: niet elke erkende huisarts werkt voltijds als huisarts. Wie de lijst van het Riziv als uitgangspunt neemt om het aantal inzetbare voltijdse equivalenten (VTE’s) te bepalen, zal op een veel te groot getal uitkomen.

De onderzoeksgroep bakende vervolgens de regio’s zorgvuldig af. Hierdoor kregen ze een betrouwbare teller (het aantal patiënten per omschreven regio) en een betrouwbare noemer (het aantal voltijds beschikbare eerstelijnsartsen). De effecten hebben betrekking op patiënten van 65 jaar en ouder die aangesloten zijn bij een Medicare (N= 5 132 936). Het gaat om een cross-sectioneel onderzoek met formulering van de eindpunten per jaar.

Bij vergelijking van de regio’s met het hoogste kwintiel VTE’s eerstelijnsartsen met de regio’s met het laagste kwintiel was de mortaliteit lager (5,19 vs. 5,49 per 1000 aangeslotenen; RR: 0,95 met 95%-BI: 0,93-0,96). Er waren ook minder hospitalisaties (72,53 vs. 79,48 per 1000 aangeslotenen; RR 0,91 met 95%-BI: 0,90-0,92) met een milde meerkost voor de verzekeringsorganisatie ($ 8857 vs. 8769 per verzekerde; RR 1,01 met 95%-BI: 1004 tot 10 002). De resultaten werden aangepast voor individuele patiëntenkarakteristieken (leeftijd, geslacht, ras en ziekte). Wanneer een minder gevoelige maat voor de teller werd gebruikt, dan bleef de daling van de mortaliteit en het aantal hospitalisaties significant verschillend, maar verdween het verschil in meerkost. Allerhande sensitiviteitsanalyses gebeurden maar de resultaten leken robuust genoeg.

De auteurs zijn in hun commentaar zeer voorzichtig. Zij beseffen dat zo’n grootschalig project blootstaat aan allerhande factoren die onbekend zijn of die men niet in rekening kan brengen. In de Verenigde Staten valt een belangrijk en wellicht meest kwetsbare deel van de bevolking buiten de verzekeringsprogramma’s. Toch besluiten ze dat het belangrijk is om meer artsen met een specifieke opleiding van ‘primary care clinician’ de kans te geven om dit vak ook in die setting vorm te geven en niet te vlug voor een andere carrière te kiezen.

Het is belangrijk dat artsen die de opleiding huisartsgeneeskunde volgen, aan de slag kunnen in een setting die hen toelaat om alles wat ze geleerd hebben in de praktijk toe te passen en op die manier te groeien in professionaliteit. De volksgezondheid kan er maar beter van worden.

M. Lemiengre

Laatst aangepast: wo 11.01.2012
 

Enkel leden kunnen reageren op artikels. Daarvoor moeten ze zich eerst aanmelden.