| Het neurologisch onderzoek | ![]() |
Maastricht: Mediview/O.I.G. Universiteit Maastricht, 2008:124 blz. ISBN: 978-90-77201-02-2. Dit boekje werd ontwikkeld als deel van de reeks ‘Vaardigheden in de geneeskunde’ door de Universiteit van Maastricht, die een voortrekkersrol speelt in praktijkgericht onderwijs. Als doelstelling stelt de auteur dan ook in de eerste plaats de opleiding geneeskunde te willen ondersteunen. Deze invalshoek wordt onmiddellijk duidelijk. Het is zeer rijk geïllustreerd en de lezer wordt aan de hand van een duidelijke systematiek doorheen de verschillende componenten van een klinisch neurologisch onderzoek geleid. Het summiere eerste hoofdstuk over de anamnese laat de lezer eventjes op zijn honger zitten, maar vanaf hoofdstuk 2 worden de verschillende aspecten zeer gedetailleerd onder de loep genomen. Zeker de bespreking over het testen van kracht (hoofdstuk 6) en reflexen (hoofdstuk 8) is op dat vlak een hoogvlieger. Op de bijbehorende cd-rom werd een kans gemist ten opzichte van het reeds rijk geïllustreerde boekje: te weinig aanvullende illustratie waardoor de gedemonstreerde skills niet per se duidelijker in beeld gebracht zijn dan in het boekje. In vergelijking met andere tekstboeken en cursusmateriaal over klinisch onderzoek (bv. Mosby’s Color atlas and text of neurology) is de grootste meerwaarde de vlotte taal (in het Nederlands) en de rijke illustratie. Gezien de systematiek van het neurologisch onderzoek in quasi alle tekstboeken op een vergelijkbare manier gebracht wordt, had de auteur nog een surplus kunnen realiseren door ook een summier ‘basisschema neurologisch onderzoek’ op te nemen. Het volledig uitvoeren van alle testen zal de consultatietijd immers ruimschoots overschrijden, en alhoewel de accuratesse van een beperkt klinisch onderzoek vaak wordt bekritiseerd, zou een zinvolle selectie van testen zeker in de huisartsenpraktijk nuttig zijn, zodat de huisarts per klacht (bv. vertigo) een duidelijk schema in zijn hoofd heeft. Wie al over voldoende skills in de neurologie beschikt en een duidelijk basisschema in zijn hoofd heeft, zal zich misschien aan het instructieve karakter van het boekje storen. Wie echter pas afgestudeerd is en nog enige routine in de neurologische testing mist, of wie al jarenlang ervaring heeft maar bijvoorbeeld vergeten is wat de handgreep van Jendrassik inhoudt en wat men ermee kan doen, zal dit boek zeker waarderen. Stijn Geysenbergh |