Richtlijnen

Gebruikerswaardering:  / 0
ZwakZeer goed 

Auteurs

De auteursgroep bestaat uit drie huisartsen: Frans Govaerts, Lieve Deturck, Pat Wyffels. Tussen 2000 en 2007 werkten zij achtereenvolgend aan de basistekst van de aanbeveling. Er werd bewust geopteerd om alleen huisartsen in de auteursgroep op te nemen: het zijn immers de huisartsen die bewust moeten kiezen welk screeningsonderzoek zij aan hun patiënten voorstellen (wat de kernvraag is van deze aanbeveling). Die vraag werd bij voorkeur beantwoord zonder rechtstreekse inbreng van andere belanghebbenden.

Literatuur

Een eerste versie van de aanbeveling werd in 2003 door de toenmalige Vlaamse validatiecommissie beoordeeld als onvoldoende wetenschappelijk onderbouwd. Dit kon ruim verholpen worden toen het KCE zijn rapport over screening op colorectale kanker uitbracht (69). We maakten dan ook dankbaar gebruik van de evidentietabellen uit dit rapport.

Voor de vragen naar manieren om de compliance voor screening te verhogen en wat de meerwaarde van de huisarts is, was de literatuur al onderzocht vóór het rapport van het KCE verscheen. De doorzochte databank was Pubmed; de zoekactie werd uitgevoerd op 4 augustus 2006 met volgende termen: (Colorectal Neoplasm AND (Mass Screening OR Screening OR Prevention)) AND (Primary Health Care OR Physicians, Family OR Family Practice) AND (Compliance) met volgende beperkingen: met abstract, Humans en Clinical Trial of meta-analyse of RCT. Alle abstracts (7) werden overlopen en beoordeeld op mogelijke relevantie voor de vraag. De behouden artikels werden kritisch gescoord met het formulier voor RCT’s van de Dutch Cochrane Center (www.cochrane.nl).

Andere klinische vragen kwamen in het rapport niet aan bod en werden daarom apart door de auteurs onderzocht.

Met betrekking tot de indicaties voor onmiddellijke doorverwijzing voor colonoscopie werd op 27 december 2006 een zoektocht gevoerd in Pubmed met als zoektermen: Referral AND Guidelines AND Colorectal Cancer. De 76 hits screenden we visueel op zoek naar de meest recente guidelines. De meest recente guideline vroegen we op voor verdere kritische evaluatie (70).

De gegevens over de complicaties van colonoscopie werden op de volgende manier verkregen: op 30 april 2007 werd Pubmed doorzocht met als query “Colonoscopy” AND “Risk” AND “Clinical Trial” OR Meta-analysis OR RCT met volgende beperkingen: met abstract, in het Engels. Daarnaast vonden we in Clinical Evidence gegevens over één systematische review. Op basis van het abstract werden zes relevante artikels besteld.

Gegevens over setting, indicaties voor colonoscopie, omschrijvingen, aantallen en percentages plaatsten we in een overzichtstabel. De cijfers die het meest aansloten bij de situatie ‘screening’, behielden we voor de aanbeveling.

Een aantal belangrijke vragen kon niet op basis van literatuurgegevens alleen worden beantwoord, namelijk de beginleeftijd, het type FOBT, het interval en de plaats van de aflezing van de test. Voor deze vragen pasten de auteurs een consensusprocedure toe. De hoofdauteur stuurde naar de twee andere auteurs per vraag een basistekst door. Daarin beschreef hij het beslissingsconflict, aangevuld met de doelstellingen, alternatieven, consequenties van de alternatieven en beschikbare wetenschappelijke gegevens. De andere auteurs vulden de basistekst aan en gaven een gemotiveerde voorkeur voor één van de alternatieven (op vraag beschikbaar). Was er consensus over het alternatief, dan kwam dit onmiddellijk in de aanbeveling terecht. Zo niet, dan modereerde de hoofdauteur tot er consensus was over de gekozen optie.

Sinds 2006 bestaat er een Vlaamse Werkgroep Darmkankeropsporing met daarin onder andere gastro-enterologen, radiologen, huisartsen en epidemiologen. De belangrijkste opties uit de aanbeveling werden in deze groep getoetst. Leden van de groep kregen ook de kans om als expert commentaar te geven.

Het KCE-rapport bevatte ook een tabel met FOBT-tests. Uit deze tabel behielden we voor deze aanbeveling alleen die tests waarvan invoerder of producent ons expliciet bevestigden dat het product voor huisartsen beschikbaar was.

De elementen voor het onderdeel Randvoorwaarden haalden we uit de eerste versie en de vrije commentaren van de schriftelijke veldtoetsing (op vraag verkrijgbaar).

Eerste werktekst

De eerste versie van de nieuwe aanbevelingstekst werd besproken op de vergadering van de commissie Aanbevelingen van 14 december 2006. Na grondige herwerking volgens de door de commissie gemaakte opmerkingen werd de tekst opnieuw aan de commissie voorgelegd. Deze keurde de tekst, mits enkele mineure aanpassingen, goed op 31 mei 2007. De tekst werd vervolgens voorbereid om aan te bieden aan de experts.

Experttoetsing

Volgende experts gaven commentaar op de werktekst: prof. dr. Marc Peeters (Vakgroep Inwendige ziekten – Universiteit Gent), dr. Ralph Crott (EORTC), dr. Chris De Laet (KCE), dr. Stefaan Gryspeerdt (Departement Radiolo- gie – SZ Roeselare), prof. dr. Eric Van Cutsem (Departement Fysiopathologie – KU Leuven), prof. dr. Sabine Tejpar (Departement Fysiopathologie – KU Leuven), prof. dr. P. Lefere (Departement Radiologie – SZ Roeselare), en het Agentschap van de Vlaamse Gemeenschap (Karen Colaert en Pieter Vandenbulcke).

De opmerkingen van de experts kwamen terecht in een overzichtstabel. De hoofdauteur maakte een voorstel van reactie op de opmerkingen en paste de aanbevelingstekst aan. De tabel met de reacties en de aangepaste aanbeveling werden voor goedkeuring doorgestuurd naar de andere auteurs. Die gingen volledig akkoord met de aangebrachte veranderingen. Vermelding als expert betekent niet dat iedere expert de aanbeveling op elk detail onderschrijft.

Toetsing op het terrein

In de zomer 2006 voerde Domus Medica vzw een schriftelijke enquête uit bij duizend leden. De gebruikte vragenlijst bevatte onder andere items die peilden naar:

  • attitude ten opzichte van het systematisch benaderen van vijftigplussers zonder verhoogd risico en personen met een verhoogd risico op colorectale kanker;
  • attitude ten opzichte van het zelf screenen versus georganiseerde screening;
  • attitude en kennis ten opzichte van de screeningsmethode;
  • knelpunten in screeningsmethoden;
  • het huidige screeningsgedrag.

Van de duizend aangeschreven leden stuurden er 351 een ingevulde vragenlijst terug. De meest relevante resultaten van deze enquête zijn hier beschikbaar.

De aanbeveling werd tevens besproken door de redactie van Huisarts Nu. De redactie gaf voornamelijk suggesties om de tekst vlotter leesbaar te maken.

Validatie

De tekst werd na verwerking van de gegevens uit de expertronde, de schriftelijke toetsing en de suggesties van de redactie van Huisarts Nu, in december 2007 aangeboden aan CEBAM voor validatie. De validatiecommissie valideerde na herwerking van de door haar gemaakte opmerkingen de aanbeveling goed in mei 2008.

Financiering

Deze aanbeveling kwam tot stand met subsidie van de Vlaamse overheid via het convenant tussen de Vlaamse overheid en Domus Medica. De financierende overheid heeft op geen enkel ogenblik en op geen enkele manier invloed uitgeoefend op de inhoud van de aanbeveling.

De auteurs hebben een belangenverklaring ingevuld en ondertekend. Er is geen belangenconflict gekend.

 

Opmerkingen of vragen met betrekking tot deze aanbeveling kunnen worden gericht aan de Stuurgroep Aanbevelingen van Domus Medica vzw, Martine Goossens, Sint-Hubertusstraat 58, 2600 Berchem-Antwerpen, tel.: 03 281 16 16, fax: 03 218 51 84, e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.


Deze aanbeveling kwam tot stand onder de coördinatie van de commissie Aanbevelingen van Domus Medica (prof. dr. Paul Van Royen, dr. An De Sutter, dr. Jan Michels, dr. Lieve Peremans, dr. Hilde Philips, dr. Kristien Dirven, dr. Frans Govaerts, dr. Nathalie Van de Vyver en Martine Goossens) en met de steun van de Vlaamse gemeenschap.

U moet aangemeld zijn om reacties te kunnen plaatsen.