Op basis van wetenschappelijk onderzoek (o.m. door het Kenniscentrum van de gezondheidszorg) en in overleg met de ziekenfondsen, de vertegenwoordigers van het artsenkorps en van de apothekers zijn nieuwe regels voor een goed gebruik van zuurstof en de terugbetaling uitgewerkt. Deze hebben tot doel een goed gebruik van de middelen. Ze zijn in werking getreden op 1 juli 2012.
Het gebruik van zuurstof via de openbare apotheek is de laatste 5 jaar sterk gestegen. Vanuit een medisch oogpunt is deze stijging niet te verklaren.
De onderzoeken en overleg hebben als gevolg nieuwe terugbetalingregels die de verbetering van de kwaliteit van de verzorging tot doel hebben.
Iedere patiënt voor wie zuurstoftherapie vanuit medisch oogpunt aangewezen is, kan via een aangepast voorschrijven en een aangepaste behandeling rekenen op terugbetaling van de zuurstofbehandeling:
Patiënten die chronisch een zuurstofbehandeling nodig lijken te hebben zullen door de huisarts naar een longspecialist/kinderspecialist in een ziekenhuis worden verwezen. Als na een onderzoek blijkt dat een chronische behandeling aangewezen is, krijgt de patiënt de zuurstof thuis via een overeenkomst met het ziekenhuis.
De patiënten die al gedurende lange tijd zuurstof voorgeschreven kregen door hun huisarts moeten een afspraak maken met een pneumoloog in een ziekenhuis om een bilan op te maken van hun behoefte aan zuurstof en van het materiaal dat het best is aangepast aan hun persoonlijke situatie. Nieuwe technieken worden mogelijk: mobiele oxyconcentratoren en oxyconcentratoren met compressor. De mobiele oxyconcentratoren laten de patiënt meer vrijheid toe om zich te verplaatsen.
In ieder geval is de continuïteit van de verzorging gegarandeerd. De huisarts kan een tijdelijke terugbetaling voor drie maand aanvragen in afwachting dat chronische patiënten een afspraak krijgen met de pneumoloog voor de voortzetting of het opstarten van een behandeling.
Patiënten die acuut zuurstofgebrek (voor een korte termijn) hebben kunnen die krijgen via de apotheker op voorschrift van de huisarts of specialist. Hierin onderscheidt men drie situaties:
De artsen en apothekers hebben begin juni 2012 een brief ontvangen met gedetailleerde informatie.
Informatie is ook beschikbaar op de website van het Riziv www.riziv.be zowel voor de zorgverleners als voor de patiënten.
(bron: persbericht van het Riziv van 3 juli 2012)